top of page
Zoeken

Over hoe mijn keel zich opent na carnaval: ik wil mijn stem terug!

Ik ging vanaf mijn studententijd door het leven als een persoon die van feesten houdt, veel drinkt en een ‘lekkere’ sexy rauwe stem heeft. “But nothing could be further from the truth.” Als ik eerlijk naar mijzelf ben wíl ik helemaal niet veel naar feesten, wíl ik helemaal geen alcohol drinken, wíl ik helemaal niet gedwongen “the life of the party” zijn, wíl ik geen kater hebben en me vreselijk voelen. Ik wil wél weten wat ik de vorige dag heb gedaan en het aller belangrijkste: “IK WIL MIJN STEM TERUG!”.


Ik had mijzelf begin februari voorgenomen om niet meer te gaan drinken. Alcohol staat me in de weg van mijn ware zelf kunnen zijn. Wie ik ben. Gewoon in balans, liefdevol en natuurlijk vol energie. En daarnaast wil ik goed voor mijn lichaam zorgen. Niet omdat het moét, maar omdat ik het wíl. Ik voel me veel gezonder, vrolijker en meer stabiel als ik mijn lichaam goed onderhoud. En daar hoort alcohol zeker niet bij. En zeker niet in de mate hoe ik het misbruik. In die zin ben ik een beetje zo’n ‘alles of niets’ persoon. Dus 1 wijntje drinken is dus ook niet aan mij besteed.


Maar waarom heb ik mij geïdentificeerd als iemand die zo uitbundig en lallend is? Ik was onzeker, wist niet wie ik was en waar ik voor stond. Het voelde veiliger om mijzelf te drogeren dan om te blijven staan als mijzelf. Dit patroon is er zo diep ingesleten dat ik nu overtuigingen heb opgebouwd om dit patroon in stand te houden. Gedachten als “een wijntje dat is toch gewoon gezellig” of “ah joh doe niet zo flauw, je hoeft je niet altijd te houden aan de afspraken met jezelf”. En dat is mijn innerlijke saboteur. “Wat voor baat heb ik nog bij dit patroon?” Vraag ik mijzelf af. Mijn hoofd antwoord met: “dat mensen me leuk vinden”. En vooral “dat mensen me niet zien voor wie ik echt ben.”


“Waarom durf ik mijzelf niet te laten zien zoals ik echt ben?” Misschien ben ik wel veel saaier, minder druk en gezellig als ik niet drink. Dan voel ik me onzeker als ik op feesten sta en dat wil ik niet. Hardop vraag ik mijzelf af of feesten dan daadwerkelijk passé zijn voor mij. Dat weet ik nog niet.


Wat ik wél weet is dat ik na de carnaval in een super heftige griep terecht ben gekomen. Omdat ik echt bang was dat er iets ernstigs met me zou gebeuren ben ik bij mijn ouders gaan uitzieken. De koorts bleef maar oplopen tot 41,2 graden. Ondanks dat er een epidemie heerst denk ik dat dit niet voor niets op mijn pad is gekomen. Er staat een heftige verandering op de planning én ik zorgde niet goed voor mijzelf. De innerlijke saboteur had het van mij gewonnen tijdens de carnaval. En waar de pijn allemaal begon? In mijn keel, ter hoogte van mijn stembanden.


Ik zocht op in de encyclopedie “Sleutel tot Zelfbevrijding” dat schorheid staat voor twijfel om je waarheid uit te spreken. Bang voor wat de ander ervan zou vinden. Ik weet waar dit vandaan komt en heb het tijdens mijn koorts geheeld. Althans dat denk ik. Ik wil mijn leven inrichten zoals ík dat wil. En mijn opvattingen en gedachten uiten als ík dat wil. Los van wat de ander daarvan denkt. Ik wil me vrij voelen, mijzelf uiten en weer voluit kunnen zingen! Me nooit meer hoeven in te houden om mijn ware zelf te zijn. Dit zal wat oefening vergen maar het begin is gemaakt. En ik weet één ding zeker: “ik haal mijn mooie stem weer terug!”


 
 
bottom of page